Bunsbeek

We vonden van deze naam de volgende schrijfwijzen:

Bonesbeches: 1076

Bunsbecce: 1125

Bunesbeche: 1139

Bunesbech: 1178

Bunesbeche: 1139, 1198

Bunesbeche en Antonius de Bunsbek: 1041

Bunesbeke: 1240

Bunesbecke: 1240

Bunusbeke: 1254

vele malen Bunsbeke van 1199 tot 1587

Bunsbeka: 1204

Bonsbeke: 1260

Hermanus de Boensbeeche: 1354

Buensbeke: 1383

Bunsbeeck van 1489 tot 1784 Bynsbeke: 1404

Binsbeek: 1629

Bunsbeecke: 1787

Bunsbeek: 1845

In het Tiense dialect zegt men nog "Binsbeek".

Verklaringen

Claes SJ: “beek van Buno”

Devries: “ bevat als eerste lid de persoonsnaam Bun(n)o vgl. Bunegem en Bunnik“.

Vgl. Bünsdorf aan de Wittersee: 20 km ten oosten van Kiel (Duitsland): Men schreef: Bunestorp: 1190; Bunsdorpe: 1364; Bünstorpe: 1407; Bunstorp: 1427, Bunstorp: 1523; heden: Bünsdorf.

Wolfgang Laur schrijft: “Bei unseren Ortsnamen handelt es sich um eine Zusammensetzung vom P.N. Buni und middelniederdeutsch Dorp, und Dörp, hochdeutsch Dorf”. Hij verwijst ook naar Bühnsdorf in de Kreis Segeberg en het “vergangenen Bunstorf bei Schierensee im Kr. Rendsburg “. Er ligt een Bundorf 50 km.

Ten NO van Schweinfurt in Duitsland.

Het gaat hier dus om een typische, binaire plaatsnaam van Germaanse oorsprong, opgebouwd uit de elementen Buno (persoonsnaam) en baki (beek).

bron: Monografie, Glabbeek.